Genotmiddelen en verslaving

Kinderen die op een leeftijd zijn gekomen dat ze zelf keuzes maken, grijpen soms naar sigaretten, shag, drank of drugs. De gevolgen hiervan kunnen ze echter niet altijd overzien.

De hersenen van een mens zijn pas volgroeid rond het 24ste jaar. Het deel van de hersenen dat verantwoordelijk is voor het redeneren, het plannen en de zelfbeheersing is tot die tijd nog volop in ontwikkeling. Uw kind kan daarom nog niet goed de situaties en de gevolgen op de lange termijn beoordelen.

Wat u als ouder kunt doen

Genotmiddelen verbieden werkt in ieder geval niet. U kunt het onderwerp wel met uw kind bespreken. Misschien lijkt het op dit moment anders, maar uw kind vindt uw mening als ouder nog steeds belangrijk. Praat met uw zoon of dochter en probeer hem of haar niet te veroordelen.

Roken

Bij de jongvolwassen leeftijd hoort experimenteren. Met roken is dat gevaarlijker dan het lijkt. Roken is namelijk erg verslavend, vooral voor jonge mensen. Bovendien kunnen rokers die jong zijn begonnen moeilijker stoppen. Probeer daarom te voorkomen dat uw zoon of dochter gaat roken. Ga het gesprek aan, ook als u zelf rookt.

Drank

Als uw kind achttien jaar of ouder is, mag het alcohol drinken. Als u het idee heeft dat uw zoon of dochter niet verstandig omgaat met die vrijheid, is het belangrijk om het gesprek met uw kind aan te gaan. U heeft als ouder namelijk meer invloed op uw kind dan u misschien denkt.

Drugs

U wilt natuurlijk niet dat uw kind aan drugs verslaafd raakt, maar niet elke jongere die ermee experimenteert, raakt in de problemen. Het is belangrijk dat u weet of uw kind drugs gebruikt. Praat met uw kind over drugs en probeer erachter te komen welke drugs hij of zij gebruikt, hoe vaak en waarom.

Meer informatie